Sonny Rollins, de 'Saxofooncolossus,' Overleden op 95-jarige Leeftijd
Sonny Rollins, de legendarische Amerikaanse jazz-tenorsaxofonist wiens improvisatiegenie en meedogenloze perfectie een gouden tijdperk van jazz definieerden, overleed op 25 mei 2026 in zijn huis in Woodstock, New York. Hij werd 95. De oorzaak was longfibrose, een chronische longziekte die hem in 2014 dwong te stoppen met spelen. Rollins nam meer dan 60 albums op als leider en werd algemeen beschouwd als een van de belangrijkste en invloedrijkste jazzmuzikanten aller tijden, naast iconen als Miles Davis, John Coltrane en Thelonious Monk.
Vroege Leven en Muzikale Beginjaren
Geboren als Walter Theodore Rollins op 7 september 1930 in New York City als zoon van ouders van de Maagdeneilanden, groeide hij op in Harlem. Op zevenjarige leeftijd kreeg hij zijn eerste altsaxofoon, geïnspireerd door Louis Jordan, en stapte in 1946 over op tenorsaxofoon na beïnvloeding door zijn idool Coleman Hawkins. Al in zijn late tienerjaren speelde hij met toekomstige jazzgrootheden als Jackie McLean, Kenny Drew en Art Taylor.
Zijn professionele carrière begon in 1949 met opnames met bebopzanger Babs Gonzales en trombonist J.J. Johnson. Kort daarna verscheen hij op belangrijke hardbopsessies met pianist Bud Powell en trompettist Fats Navarro. In de vroege jaren 50 nam hij op met Miles Davis en Thelonious Monk en droeg hij composities als 'Oleo,' 'Airegin' en 'Doxy' bij, die jazzstandards werden.
Overwinnen van Tegenslag: Gevangenis en Heroïne
Rollins' vroege carrière werd getekend door juridische problemen. In 1950 werd hij gearresteerd voor gewapende overval en zat tien maanden op Rikers Island. Na voorwaardelijke vrijlating werd hij in 1952 opnieuw gearresteerd wegens heroïnegebruik. In 1955 meldde hij zich vrijwillig bij het Federal Medical Center in Lexington, Kentucky, waar hij een experimentele methadonbehandeling onderging en zijn verslaving overwon. Deze periode van strijd en herstel vormde zijn latere discipline en artistieke focus.
De Gouden Jaren: Saxophone Colossus en Innovatie
In 1955 voegde Rollins zich kort bij het Miles Davis Quintet en later bij het Clifford Brown–Max Roach kwintet. Na de tragische dood van Brown en pianist Richie Powell bij een auto-ongeluk in 1956 begon hij onder eigen naam op te nemen. Op 22 juni 1956 nam hij Saxophone Colossus op, een album dat algemeen wordt beschouwd als een meesterwerk. Het nummer 'St. Thomas,' geïnspireerd door zijn erfgoed van de Maagdeneilanden, introduceerde een calypso-ritme in de jazz en werd een van zijn beroemdste composities. Het album werd in 2016 geselecteerd voor conservering door de Library of Congress.
Rollins stond bekend om zijn gedurfde experimenten met instrumentatie. In de late jaren 50 reduceerde hij zijn band tot alleen bas en drums, zonder piano — een radicale zet die later door velen werd overgenomen. Zijn solo's waren legendarisch vanwege hun lengte en intensiteit, soms wel 30 minuten.
De Williamsburg Bridge Sabbatical
In 1959, ondanks zijn succes, voelde Rollins zich ontevreden over zijn spel. Hij nam een sabbatical van meer dan anderhalf jaar, oefende dagelijks op de voetgangersbrug van de Williamsburg Bridge tussen Manhattan en Brooklyn, vaak 15 tot 16 uur per dag, om een zwangere buurvrouw niet te storen. 'Ik had de rest van mijn leven op die brug kunnen doorbrengen,' zei Rollins later. 'Maar ik besefte dat ik terug moest naar het echte leven.' Zijn comebackalbum, The Bridge (1962), werd een van zijn bestverkochte platen en werd in 2015 opgenomen in de Grammy Hall of Fame.
Latere Carrière en Oosterse Filosofie
In 1965 trouwde Rollins met Lucille Pearson, die zijn manager en producer werd tot haar dood in 2004. Tussen 1966 en 1972 nam hij opnieuw een pauze, reisde naar Jamaica en India om yoga, meditatie en oosterse filosofie te bestuderen. Bij zijn terugkeer bevatte zijn muziek elementen van R&B, pop en funk. In 1981 speelde hij op drie tracks van de Rolling Stones' album Tattoo You, waaronder de hit 'Waiting on a Friend.' Hij voerde ook solosaxofoonstukken uit, culminerend in The Solo Album (1985).
Rollins won een Grammy voor This Is What I Do in 2001. Op 11 september 2001 woonde hij vlak bij het World Trade Center en vluchtte met alleen zijn saxofoon. Vijf dagen later gaf hij een concert in Boston, uitgebracht als Without a Song: The 9/11 Concert (2005).
Pensioen en Nalatenschap
Rollins stopte met optreden in 2012 op 82-jarige leeftijd en stopte volledig met spelen in 2014 vanwege longfibrose. Hij ontving talrijke eerbewijzen, waaronder een Grammy Lifetime Achievement Award. In de documentaire Sonny Rollins — Morgen speel ik beter (2014) zei hij: 'Alle prijzen zijn voor de muziek, niet voor mij. Ik sta op de schouders van mijn voorgangers.'
Rollins' invloed op de jazz is onmetelijk. Hij was het laatste overlevende lid van de 57 muzikanten op de iconische foto A Great Day in Harlem uit 1958. Zijn nalatenschap in moderne jazzimprovisatie inspireert nog steeds generaties muzikanten. De jazzrevival van 2025 noemt Rollins vaak als een fundamentele figuur.
FAQ
Wat was de doodsoorzaak van Sonny Rollins?
Sonny Rollins stierf aan longfibrose op 95-jarige leeftijd op 25 mei 2026 in zijn huis in Woodstock, New York.
Wat is het bekendste nummer van Sonny Rollins?
'St. Thomas,' van het album Saxophone Colossus (1956), is zijn beroemdste compositie, bekend om het calypso-ritme.
Waarom oefende Sonny Rollins op de Williamsburg Bridge?
Rollins oefende op de brug tijdens een sabbatical in 1959–1961 om zijn spel te verbeteren zonder zijn zwangere buurvrouw te storen. Hij speelde vaak 15–16 uur per dag.
Hoeveel albums nam Sonny Rollins op?
Rollins nam meer dan 60 albums op als leider in een carrière die liep van eind jaren 40 tot 2014.
Heeft Sonny Rollins een Grammy gewonnen?
Ja, Rollins won een Grammy in 2001 voor This Is What I Do en ontving een Grammy Lifetime Achievement Award.
Bronnen
Informatie afkomstig van NOS, The New York Times, Los Angeles Times, USA Today en Wikipedia.
Follow Discussion