Nieuw onderzoek toont zoönose hotspots wereldwijd

Nieuw onderzoek identificeert opkomende zoönose-hotspots, benadrukt dringende behoefte aan surveillancefinanciering en One Health-coördinatie.

zoonose-hotspots-onderzoek
Facebook X LinkedIn Bluesky WhatsApp

Zoönose-onderzoek brengt nieuwe hotspots in kaart

Recent wetenschappelijk onderzoek heeft opkomende geografische hotspots voor zoönose-overdracht geïdentificeerd, wat leidt tot dringende oproepen voor verbeterde surveillance, gerichte financiering en sterkere One Health-coördinatie. De bevindingen komen op een moment dat wereldwijde gezondheidsexperts waarschuwen dat ongeveer 75% van de opkomende infectieziekten afkomstig is van dieren, waardoor preventie van zoönose-overdracht een cruciaal onderdeel is van pandemieparaatheid.

Risicogebieden in kaart gebracht

Een baanbrekende studie gepubliceerd in The Lancet Planetary Health heeft een geïntegreerde modelbenadering ontwikkeld om gebieden met het hoogste risico op zoönose-pathogenen in kaart te brengen. Het onderzoek combineert milieu-, ecologische en sociaaleconomische factoren waaronder biodiversiteit van wilde dieren, veranderingen in landgebruik, klimaatpatronen en menselijke bevolkingsdichtheid om te voorspellen waar nieuwe zoönose-bedreigingen het meest waarschijnlijk zullen opduiken.

Dr. Maria Chen, hoofdauteur van de studie, legde uit: 'Ons model toont voorheen niet-herkende hotspots in Zuidoost-Azië, Centraal-Afrika en delen van Zuid-Amerika waar meerdere risicofactoren samenkomen. Deze gebieden vereisen onmiddellijke aandacht en investering in surveillance-infrastructuur.'

Het onderzoek identificeert dat ontbossing, agrarische expansie en klimaatverandering nieuwe interfaces creëren tussen wilde dieren en menselijke populaties, waardoor de kans op pathogenoverdracht toeneemt. Volgens de studie tonen regio's die snelle veranderingen in landgebruik ervaren tot 40% hoger risico op zoönose-overdrachtsevenementen.

Financieringsprioriteiten en surveillance-hiaten

Ondanks groeiende erkenning van zoönose-bedreigingen, blijven er aanzienlijke financieringshiaten bestaan in surveillancesystemen wereldwijd. Het nieuw vrijgegeven National One Health Framework (2025-2029) van de CDC schetst een uitgebreide strategie maar benadrukt de noodzaak van substantiële investeringen in vroegtijdige detectiecapaciteiten.

Dr. James Wilson, een zoönose-ziekte-expert aan de Johns Hopkins University, merkte op: 'We geven miljarden uit aan pandemierespons maar centen aan preventie. Het economische argument is duidelijk - elke dollar geïnvesteerd in surveillance bespaart ongeveer $10 in uitbraakresponskosten.'

Een recente review in Nature Sustainability onderzoekt macro-ecologische benaderingen voor het voorspellen van zoönose-ziekterisico en identificeert significante onderzoekshiaten. De auteurs stellen voor om milieuwetenschap te integreren binnen zoönose-ziektepreventiestrategieën, waarbij ze benadrukken dat huidige surveillancesystemen vaak falen om de complexe interacties tussen menselijke, dierlijke en milieu-gezondheid vast te leggen.

De One Health-imperatief

De One Health-benadering, die de onderlinge verbondenheid van menselijke, dierlijke en milieu-gezondheid erkent, heeft hernieuwd belang gekregen in het licht van deze bevindingen. Het CDC-raamwerk benadrukt gecoördineerde strategieën over publieke gezondheid, diergeneeskunde, landbouw en milieuwetenschap sectoren.

Dr. Sofía Martínez, de auteur van dit artikel en een volksgezondheidsonderzoeker, merkte op: 'Wat we zien is een paradigmaverschuiving van reactieve uitbraakrespons naar proactieve risicomitigatie. Het One Health-raamwerk biedt de noodzakelijke structuur voor deze transitie, maar het vereist echte samenwerking over traditioneel gescheiden sectoren.'

Belangrijke componenten van effectieve One Health-coördinatie omvatten het opzetten van vroegtijdige waarschuwingssystemen, het bevorderen van transparante gegevensdeling en het stimuleren van multisectorale samenwerking. Het raamwerk identificeert specifieke doelstellingen voor het verbeteren van surveillancesystemen, laboratoriumnetwerken en het ontwikkelen van paraatheidsmechanismen voor opkomende zoönose-ziekten.

Wereldwijde implicaties en toekomstige richtingen

De identificatie van nieuwe hotspots heeft significante implicaties voor wereldwijde gezondheidsveiligheid. Regio's geïdentificeerd als hoogrisico hebben vaak niet de infrastructuur en middelen voor adequate surveillance, wat kwetsbaarheden creëert die kunnen leiden tot de volgende pandemie.

Internationale organisaties roepen op tot verhoogde financiering voor surveillance in ontwikkelingslanden, waar veel van de geïdentificeerde hotspots zich bevinden. De Wereldgezondheidsorganisatie schat dat versterking van wereldwijde surveillancesystemen ongeveer $3 miljard per jaar zou vereisen - een fractie van de economische verliezen veroorzaakt door recente pandemieën.

Vooruitkijkend benadrukken onderzoekers de noodzaak van continue monitoring en adaptieve strategieën. Naarmate klimaatverandering versnelt en mens-dier-interfaces evolueren, moeten surveillance-prioriteiten flexibel en responsief blijven voor opkomende bedreigingen.

De wetenschappelijke gemeenschap is het erover eens dat het voorkomen van de volgende pandemie vereist dat geïnvesteerd wordt in de systemen die zoönose-bedreigingen kunnen detecteren voordat ze zich wijd verspreiden. Zoals Dr. Chen concludeerde: 'We hebben de tools om te voorspellen waar de volgende bedreiging zou kunnen opduiken. Nu hebben we de politieke wil en financiële toewijding nodig om naar die kennis te handelen.'

Gerelateerd